Wijnanders
Uw kracht bij wijn momenten.
Het verhaal van de eerste bruisende ClairetteWelkomNieuws en LinksHollandwijnOenologieBio- grond druif wijn -logischPluk en oogst 2012DruivWijndichtbijWijninbeeldContact
illustrerende foto's bij het verhaal
Het verhaal van de eerste bruisende Clairette

De heuvels van de zeven bronnen.

Knarsend grind was het meeste geluid op dat moment. De harde onderkant van zijn leren laarzen konden niet voorkomen dat dit akelige gekraak voorbode was van een onwaarschijnlijk voorval. De weg slingerde zich oplopend en weer dalend op een manier die deed denken aan een dikke lange slang. Na een dag met ellendige regen was zijn kleding doorweekt en voelde onaangenaam klam aan. Nee, het was nog niet koud.. maar dit moest niet langer duren dacht hij bij zichzelf anders zou nu toch een plek voor de nacht moeten worden gevonden. Dit deed hij liever niet, immers deze streek stond nou niet bepaald als prettig bekend.. Het werd donker maar ook weer licht en weer donker tussen de hoge heuvels. Een volle maan achter bewegende natte wolken tergde je zenuwen met schaduwen die telkens van vorm leken te veranderen. Een verre ruis deed vermoeden dat de wind op de toppen van plan was zijn kille zucht naar beneden voort te zetten om mens en dier de koude rillingen te geven. Dan, wat is dat, dat kan toch niet, er woont hier geen mens, hooguit een verdwaalde doler als ik of een troep honden. Er kwam een stem op de wind mijn kant op, hij brulde iets maar het was niet te verstaan, samen met het geluid van een blaffende hond. Ik voelde voor de zekerheid aan mijn rechterflank of het mes nog op zijn plaats zat want ik vertrouwde het niet helemaal. Was het wel ver weg of kwam het sluipend dichterbij? Laat je niet meenemen in je fantasieën dacht ik nog, maar tegelijkertijd herhaalde zich het geschreeuw, ja, het was nu meer geschreeuw! Dan is het niet voor mij bedoeld beredeneerde mijn trillende lichaam en probeerde eens te kijken waar ik naartoe zou kunnen gaan in geval van.. Zeg, daar is licht, vaag, weer dof en feller, dat zou een vuur kunnen zijn, een vuur van warmte of van, of van bescherming tegen ongewenst bezoek. Ik schat op een behoorlijk aantal voeten naar boven via , langs de nog net zichtbare randen van het bos. Hij spuugde eens flink in zijn hand en vermande zich, hij moest er naar toe, kon niet alleen blijven, dit signaal moest zijn plek voor de nacht worden.

Zijn passen iets versnellend veroorzaakte een gerol van keien en toen pas bemerkte hij hoe stijl en diep de flank moest zijn. Het maanlicht gaf even een flauwe schijn op zijn te volgen pad, althans wat een pad moest voorstellen, als je niet oppaste schoot je voet weg in uitgesleten aarde. Hier moet ik een flauwe bocht nemen, smal, glad en nat, tot dat plots na het voorbijgaan van dichte begroeïng mij duidelijk werd waarom er alsmaar een dof onbestemd geruis te horen was. Water, heel veel water stortte zich met onverwacht geraas een geul in zo vlak voor mijn voeten, voorbij lopend was ik verward, omdat ik dacht lichte stemmen te horen die mij iets leken te zeggen. Ik stapte maar eens door want koude rillingen had ik al genoeg. Gisteren maakte ik ook iets vreemds mee wat mij nog nooit eerder was voorgevallen, ik was nog niet zo gespannen als vandaag. Nog rustig, van geen kwaad bewust werden hoorbare stappen mijn richting opgestuurd, stappen, of was het lichter.. doorlopend merkte ik aan de zijkant van het dunne lage bos opnieuw op dat iets mij volgde. Verder was een bron met een paar flinke keien waarop wat rust genomen kon worden. Het duurde niet lang, totaal overrompeld van verbazing stapte daar rustig een jonge ree mijn kant op, in een reflex naar mijn verdediging grijpend besloot ik af te wachten en kalm aan te doen. Met voorzichtige tred kwam het dier werkelijk op mij af en deed van dichtbij enkele diepe "snuiven".  Ze staarde mij aan, waarschijnlijk was dit haar bevestiging dat het wel goed zat. Nog steeds onder de indruk door dit bezoek ging de ree ondertussen knabbelen aan overhangende takken. Mijn poging tot toenadering had geen enkel effect, eerder afwijzend, maar toch had deze ontmoeting iets met mij gedaan.. en nu moest ik oppassen niet de weg kwijt te raken en heel gauw een plek vinden. Het licht dat in eerste instantie mijn aandacht trok was inderdaad een groot vuur. Uiteindelijk trof ik een groep lieden aan die je maar liever niet als vijand maar als vriend kon benaderen en de aanwezige honden gaven mij gelukkig het voordeel van de twijfel. Zij hadden een beschutting in de vorm van een groot dak gesteund door voldoende palen dat nog het meest leek op een soort van vergeef mij het woord, een bos tempel. Het vuur dat soms vlamde , soms venijnig rood gloeide, moest een beest aan het spit garen.. het is toch niet dat.. Nee, wat vreemd anders zou het mij niets kunnen schelen, zij is het niet. Op enige afstand zag ik al snel dat het gaar moest zijn. Hé, waar kom jij vandaan waren de eerste woorden, deze klonken hees en vermoeid. Mijn antwoord moest welgekozen worden, uit de heuvels van de zeven bronnen riep ik. Gemompel deed mij allereerst niet geruststellen. Niet veel later mocht ik verder komen, een plaats werd mij toegewezen, op de rand, net droog maar op een lichte koele bries in het maanlicht, dat wel.

Van een hoop stro en afgesneden gras maakte ik een onderkant om de deken op te leggen, ondertussen was mij een beker drank aangeboden welke ik met de nodige voorzichtigheid maar toch ook een zekere gulzigheid naar binnen klokte. Langzamerhand werd aan beiden kanten het vertrouwen groter en kwam het tot een soort van gesprek. Je weet niet wat je verstaat als je een tijd niet onder de mensen bent geweest, zeker als de anderen jouw "taal" niet spreken. Toch werd mij duidelijk dat ik niet bevreesd hoefde te zijn dat mij midden in de nacht de keel zou worden
doorgesneden. Er hing iets van een verwantschap in de lucht, onverklaarbaar, alleen voelbaar. Op mijn beurt werden de aangeboden kruiden dankbaar aanvaard en direkt nog op het beest gestrooid, thijm, rozemarijn, salie en ja zelfs gedroogd laurierblad gaven direkt het gewenste effect van prettige geuren en smaak. Vreemd dat zij dat niet kenden.. wat zij wel ontdekt hadden was hoe je vlees moest bereiden, tjonge, in mijn hand hield ik stevig een bout vast alsof het zeven dagen geleden was dat ik vlees had gegeten, en dat was ook zo!

Het koele daalwater wat hier stroomde moest uit een bron zijn want daarvoor was het hier te hoog in de heuvels. In dat water waren kruiken gelegd, van een vorm welke nieuw voor mij was, lang, beter gezegd hoog met een versmallende hals, twee soort oren om het beter te kunnen pakken. Daaruit werd mij nog eens een beker ingeschonken, omdat het gesprek met opvallend veel aandacht door mij werd
gevolgd, zij hadden dat waarschijnlijk door. De grootste van de groep had het vaakst het woord maar de sluwste, althans leek mij, mocht die nieuwkomer wat meer gerichter vragen stellen. Het ging zo van; hoe smaakt het, wat vind je er lekker aan, voel je ook iets wat als "raar" werd uitgesproken? Nog het meest vreemd was de aangename zoetheid samen met een tintelend gevoel op mijn tong, raar maar wel aangenaam. Nog niet eerder was mij zoiets overkomen omdat het bijkomende effect leek op een mooi dansend paard met tegelijkertijd warmte en kracht.
Nog voor ik het door had schoof ik dichterbij en vroeg om uitleg, dit werd lachend toegestaan, de beker was gevuld! (zei men toen in plaats van het ijs was gebroken..)

Het bleek te gaan om vergist sap, witte vruchten als meerdere bij elkaar, van hier, dat wil zeggen van stukjes grond aan de rand van bos en losstaande bomen waar een klimplant vruchten gaf en je handig moest zijn om ze te kunnen pakken. Niet elk jaar kwamen er vruchten aan en dat was ook juist zo vervelend aan deze vrucht.. Maar als er vruchten aankwamen dan werden ze beschermd, ja zelfs een soort van verzorging werd toegepast. Want men had al door, dat het afsnijden van een teveel aan takken betere vruchten gaf. Vooral die plaatsen waar veel warmte was, zeg maar op de zonkant bleken favoriet te zijn. Ook wachtte men zo lang als kon met het pakken of oogsten van, want dat gaf op het eind meer dat "rare"gevoel. Alleen waren er steeds weer grote verschillen.



Onverklaarbaar vonden zij, maar de slimme voegde er het volgende aan toe; een aantal kruiken waren gevuld met sap dat al "raar" was geworden en stonden klaar om te worden gedronken. Echter door heel slecht weer en ruzie met de "buren" waren deze blijven liggen in het koele daalwater. Toen na enkele maanden de plek opnieuw werd ingenomen waren de goed afgesloten kruiken nog steeds in het koude water verstopt. Niemand dacht dat de inhoud nog goed zou zijn.. Tot dat iemand besloot de kruiken opnieuw te gaan gebruiken voor graanopslag. Echter niet zonder eerst geproefd te hebben. Toen was het feest want het lekkere sap had het overleefd en stiekem nog eens wat aan "kracht en warmte" gewonnen. Een soort van langzame koele opslag had gezorgd voor een vertraagd verdwijnen van de suikers door de dit keer gunstige wilde gisten! Sinsdien werd dit wonder begrepen als een teken dat dit de manier was om het sap langer te bewaren en er meer plezier van te hebben, twee vliegen in één klap. Vol verwondering en met de mond wijd open goot ik er nog een beker in. Ik kon het niet geloven dat door slecht weer en ruzie zoiets gebeurde, nu heet dat toeval toch? Dat deze bewoners van dit stuk land mij deze verhalen deelde gaf mij een goed gevoel voor de komende tijd. Zij begrepen waarschijnlijk mijn boven gemiddelde interesse en nodigden mij uit nog een poosje te blijven. Als ik wilde zou ik kunnen helpen met het afsnijden van de lianen.. tegen één kruik per week en bescherming. Ik besloot te blijven, al was het alleen maar om meer te weten te komen over dit heerlijke sap..

En zo dus zou het wel eens kunnen zijn gebeurt, de eerste wijnamateurs van die tijd ontdekten wat te doen met pasgeboren wijn in zijn allerjongste tijd. Voor de wijn welke ik hier geniet en mij steeds weer prettig stemt lijkt het zo te zijn moeten gebeurt. Immers nog steeds is het een kunst en getuigd het van groot vakmanschap de langzame koele vergisting optimaal te controleren. Dan pas wordt een wijn geboren in misschien wel het mooiste wijngebied van Frankrijk! Als u ervan uitgaat dat dit in de wijnen gevangen kan worden, dan is het genieten van een Debussyaanse Crémant de Die of de Mozartijnse Clairette de Die Methode Dioise Ancestrale, ook wel Tradition geheten, een waar plezier! Op de goede momenten beluisterd en op onze gezondheid
gedronken een ware symfonie van goede stemming en zonnige gezichten!

Dit verhaal beschrijft het beleven van de prachtige omgeving in de heuvels van het oude dorp Pontaix, aan de oevers van rivier la Drôme. En zijn archeologische vondsten die wijzen op oude bewoners welke gebruik maakten van het koude water van de Drôme om de gisting te kunnen controleren. Volgend jaar wordt er op een bestaande lokatie opnieuw aan archeologisch onderzoek gedaan. Uiteindelijk is hieruit de heerlijke Clairette de Die van nu ontstaan! - door Bert Hazeleger voor wijnanders.nl - 
 


Het verhaal van de eerste bruisende ClairetteWelkomNieuws en LinksHollandwijnOenologieBio- grond druif wijn -logischPluk en oogst 2012DruivWijndichtbijWijninbeeldContact
info@wijnanders.nl